Baby on Board
3 november 2011
Nee ik wil het niet hebben over die verkeerde opmerking “Wist niet dat je zwanger was”. Mijn schoonzus is zwanger. Ze zit in de laatste weken en de buik is lekker obese zal ik maar zeggen. Het wordt hun vierde kind. Huisje boompje beestje, modern gezin, ook nog aangevuld met een jonge trouwe viervoeter, een Parson-Russel terrier Heerlijk ik wordt weer oom. De nu nog jongste telg wordt in december twee jaar. Ze trippelt wat rond en combineert woordjes tot soort zinnetjes om duidelijk te maken wat ze wil of wat ze niet wil, lol. Tijdens lekker bakkie thee en leut heeft zij weer haar schattige momentjes. Zo ook ineens kijkt ze naar mamma’s buik en zegt “baby buik”. Iedereen lachen natuurlijk. Ze kijkt naar Beppe (Fries woord voor Oma voor alle Hollanders) en vraagt oprecht “Beppe ook?”. We lachen wat luider. Nu niet denken dat Beppe een dikke buik heeft, integendeel. Als het lachen wat verstomd is draait de kleine meid zich langzaam om en kijkt naar mijn dikke buik met vragende ogen. “Nee Ome heeft geen baby in de buik” antwoord ik onder het schatergerlach dat de kamer vult. Ik lach lekker mee. Eenmaal avonds thuis denk ik nog eens met een glimlach terug naar dat moment. Gezellig, maar besef dan ook dat de kijk van een kind open, eerlijk is. De glimlach verdwijnt, maakt plaats voor het bewust worden dat ik mezelf niet meer zie. Humor is schattig, leuk en soms een harde realiteit. Keep on smiling, baby onboard.
Sipko G. Riemersma
Mijn Tour van 255 km
7 juli 2011
Vroeger…. Geeft me altijd een bepaald gevoel om met vroeger een verhaaltje te beginnen. Toen was alles beter , nee toen was ik beter, fitter en slanker. Er waren wel wat prestaties van mij in mijn jeugdjaren. Eén van de mooiste is toch wel de tocht op de fiets van Leeuwarden naar Bramsche in Duitsland. Mijn broer amper zeventien was een liefhebber van fietsen. Getuige ook zijn mooi professioneel ogende racefiets, bij elkaar gespaard met zijn ochtendkranten wijk. Die zomer gingen we op bezoek naar vrienden in Bramsche voor twee weekjes. Mijn broer had het lumineuze idee om dit per racefiets te doen. Alleen mijn ouders zagen dat niet zitten, hij alleen op de fiets tweehondervijfenvijftig kilometer. Daarna werd ik door hem bewerkt, eerst zonder resultaat. Ik was vijftien en niet zo’n fietser. Tot ik mij liet verleiden tot de uitspraak dat het een makkie was en dat ik het wel ongetraind kon doen. Tja en dan met nodige jeugdige overmoed moest ik wel. Bloed Zweet en Tranen zijn wel passende woorden voor de tocht die ik ondernam. Ik heb het gehaald, maar ook alleen dankzij mijn broer die ruim veertien uur durende rit voorop reed en mij op dode momenten erdoor heen hielp. Toen we Bramsche naderden heb ik mijn broer nog “geflikt” om in wielertermen te spreken. Op het laatste stuk richting het bord Bramsche ging mijn broer steeds harder rijden en kon ik zijn wiel niet houden. Ik riep rustig aan en op het moment dat hij in de remmen kneep, demarreerde ik om hem heen en kwam als eerste aan met de handen in de lucht, alwaar mijn vader stond en een unieke foto maakte. Het was toen erg hilarisch maar jaren later besef je dat dit één van mijn top jeugdzonde was, met foto bewijslast. Mijn broer is blijven fietsen en heeft zeker twintig keer de Elfstedentocht voor fietsers volbracht. Zelf heb ik één keer een toertocht gedaan van zestig km rondom Joure. Nu in mijn dikke tijd heb ik moeten vechten voor een fiets die mijn gewicht kan dragen. Die heb ik nu een klein jaar. Wat is het toch heerlijk om te kunnen fietsen, ergens heen te gaan. Nog niet ver maar ik werk eraan. Ik moet wel een doel hebben anders ben ik nog steeds die jongen van vroeger die niet zo van fietsen hield, maar wel die tocht dubbel volbracht. Want na die twee weken moesten we ook nog terug van Bramsche naar Leeuwarden, op de fiets………
Sipko G. Riemersma
De Lift
21 juni 2011
Wat een ideale uitvinding om niet al die trappen op en af te lopen. Ok, wij met wat gewicht kunnen beter vaker de trap nemen is de algemene opinie. De trap nemen is ook veiliger als je de film De Lift van Dick Maas hebt gezien. Een lollige horrorfilm met Huub Stapel als liftmonteur in de hoofdrol. Zag ik hem laatst niet ook als zombie op een wit paard? De trap nemen lijkt een mooi gezond alternatief. Ik kom echter naar adem snakkend en hijgend aan op de etage van bestemming voor een afspraak of visite. Daarnaast ben ik nog eens lekker bezweet. Dat is geen pretje. Dus neem ik wat vaker de lift. Nou heb ik wel een klein claustrofobische aanleg en heb liever niet veel mensen om mij heen in zo’n vierkantig hokje. Voordeel is dat ook niet veel mensen bij mij instappen want vol is vol dacht ik altijd. Kijkend naar dat plaatje met maximaal aantal personen met daaronder maximum gewicht kon het wel eens een ander motief zijn om niet met mij in zo’n hijstoestel te stappen. Met 230 kilo neem ik meteen het grootste gedeelte voor mijn rekening natuurlijk. Het is een andere soort lollige horror. Ander soort zweet maar kom in elk geval niet buiten adem op mijn bestemming aan.
Sipko G. Riemersma
El Paprika!
10 juni 2011
De afgelopen week heb ik een nieuwe sensatie mogen meemaken. Een unieke ervaring, nooit te oud om iets te leren. Voor het eerst in mijn vierenveertig jarig bestaan heb ik een paprika gesneden! Niet één maar meteen drie stuks. Ze waren in de aanbieding. Een grote gele, een mooie rode en een kleine oranje moesten eraan geloven. Nou is dat paprika snijden een kunst op zich vanwege vooral dat hart met bijzonder veel pitjes die je liever niet overal over het aanrecht en keukenvloer wilt hebben. Een studie op internet leert me vele technieken en ik probeer er maar eentje. Kop eraf, onderkant eraf, insnijden en uitrollend alle schotjes fileren, hart met pitjes zo eruit halen. Nou moet u weten dat ik geen groente fanaat ben en al helemaal niet hou van konijnenvoer, de rauwkost. Weinig tot nihil groenteconsumpties elke dag. Soms even een blikje doperwten of een diepgevroren spinazie blokje met room in de pan. De afgelopen jaren is daar verandering ingekomen. De groentes zijn nog steeds niet echt te pruimen, maar ik bak wel een tomaatje mee met het vlees en soms daarbij wat gesneden paprika, uien en champignons. Lekker makkelijk voorgesneden en met zijn drietjes in één pakje. Wel vers maar ik moet zeggen dat mijn eigen gesneden paprika’s lekkerder smaken. Gevoel speelt ook een rol bij eten. Er is meer groente in mijn menu gekomen, maar wel verstop ik het vaak in een omelet, gesmolten kaas of hamburger. Om de dag eet ik ook een lekker groentesoepje in eigengemaakte smaakvariaties als kerrie, sweet chile of boeren versie. Soepgroente komt dan wel uit de vriezer. Uit een zakje, voorgesneden uiteraard en de rundersoepballetjes ook.
Sipko G. Riemersma
IJS!
2 juni 2011
De warme dagen zijn er weer, de zomer ligt om de hoek, vakantieplannen. De tijd van verleiding, zucht naar de verboden vrucht voor dikkertjes, een lekker ijsje. Er gaat niets boven de tongstrelende verkoeling op een warme hete dag. Gisteren zat ik lekker te smullen, nee te genieten van de nieuwe coconut chocolade ijspint van Ben en Jerry. Lekker maatschappelijk verantwoord langzaam smeltend genot, weg dromend… Vroeger at ik zo’n hele beker van 500ml meteen helemaal leeg. Schep naar schep lepelde ik het ijs naar binnen met een normale grote lepel zodat mijn gedachten, spanningen even weggleden bij het smeren van mijn keel met iedere hap. Tja ijs is een beloning temeer omdat ik nooit hebt gerookt of alcohol heb gedronken. De uitvinding van de Magnum was al helemaal een sensatie van verwennerij en nu helemaal met alle smaakvarianten in diverse winkels. Ach een pakje roomboter per keer naar binnen werken wie maalt daar nu om. De laatste jaren ben ik daarin wel veranderd. Je probeert wat rationeler er tegen aan te kijken. Één bolletje schepijs bij de ijssalon is al 100+ kcal. Lekker roomijs na het eten is per 100 gram al snel 250 kcal of meer. Toch wil ik mijn ijsje, soms elke dag ook in de winter. De ontdekking is niet ijs met magere melk bereid, maar voor mij die langwerpige waterijsjes, coolsticks voor een habbekrats te koop. Even invriezen en je hebt altijd wat “lekkers” in diverse smaken in huis. Er is natuurlijk ook een variant zonder suiker! Zoals voor alles tegenwoordig. Uiteraard niet lekker en niet te eten. Als afwisseling heb ik af en toe ook die driehoek water/vrucht ijsjes. Klein maar fijn. Gisteren was het weer eens tijd om te genieten van “echt” volwassen ijs. Die nieuwe Ben & Jerry smaak even uitproberen, maar tegenwoordig eruit lepelend met een eilepeltje. Met trots heb ik de pint weer in de vriezer terug gezet. Hooguit 1/3 heb ik maar opgegeten. Tevreden zak ik weg op de bank, dromend over een minder dikke toekomst maar wel met een “mager” ijsje liefst elke dag.
Sipko G. Riemersma
DIK en Breedbeeld TV
21 mei 2011
Wat een prachtige uitvinding toch die mooie platte brede televisies met HD, Plasma, LCD, hdmi en wat al niet. Het televisie seizoen is afgelopen nu Pauw en Witteman op vakantie zijn, maar wat hebben we een programma´s gezien die wantastisch gebruik hebben gemaakt van de unieke mogelijkheden van Breedbeeld. De nieuwe Reality ontdekking “Dikkertjes” waren niet van het scherm af te krijgen. Zo mooi en breed werden alle dikke varianten in beeld gebracht. Natuurlijk met hulp van goeroe afslankexperts, ouders die hun kinderen dik maken, dik tegen dun en XXXXX blubberden allemaal in diverse TV programma´s heen en weer over het scherm. Deze trend werd decennia geleden ingezet door SBS6 met een verzameling zware mensen in een Kasteel die met pijn en tranen Goud konden winnen. Ik had me ook opgegeven voor deze show, maar helaas met mijn 165 kilo was ik te zwaar om mee te mogen doen! Vorig jaar heb ik weer een poging gedaan en mocht ik zowaar opdraven voor een heuse screentest in Amsterdam. Dit keer voor een programma geproduceerd door Reinout Oerlemans zijn bedrijf waarin ze een jaar lang obesitas persoon volgen, filmen en helpen met natuurlijk sportschool en dieet. Dit keer was ik met 230 kilo wel op goed gewicht, maar ik was niet treurig genoeg. Ik was en ben actief bezig met een plan voor elkaar te krijgen. Zij zochten meer types die s´morgens hun sokken niet aan krijgen en spontaan beginnen te huilen. Tja, Goede of Slechte Tijden dat ik buiten de TV Boot val? Een paar jaar geleden is er nog een follow up TV programma geweest over die deelnemers aan die eerste Kasteel Kastijding. Stuk voor stuk waren de deelnemers weer zwaarder geworden. Voor de netten breekt nu de zogenaamde “komkommertijd” aan. Wij kennen dat wel net als wortels en radijsjes hulptroepen tijdens onze hongersnoden. Sporten en diëten zijn niet de oplossing voor permanent meer levensgeluk. Dat moet toch anders. Wanneer komt daar eens een mooie wekelijkse show over op Televisie?
Sipko G. Riemersma
Veelvraat
31 december 2010
Je kijkt lekker naar een prachtige natuur documentaire waar plotseling het woord veelvraat in opduikt. We hebben in onze Nederlandse taal toch een paar briljantjes aan woorden. Veelvraat een literair toepasbaar woord voor beeldspraak of beter een symboliek, metafoor. Te gebruiken ter illustratie voor deze dagen van veel (vr)eten verorberen. En een wat pijnlijker richting als aanduiding voor die lekkere dikkerds die (te) veel schijnen te (vr)eten. Nederlandse woorden zijn erg sterk, maar hebben vaak nooit een mooie klank of positief gevoel. Dit in tegenstelling tot de Engelse taal waarin woorden krachtig zijn en harmonieus klinken als de Rainbow. Gelukkig was het een Engelstalige documentaire over een mooi natuurlandschap in winterse bekleding met hier en daar een mistige hikkende geiser. De veelvraat is een dier, niet groter dan een wasbeer met een sterke muskus geur. Samen met soortgenoten scheuren ze een karkas aan stukken en schrokken het op. Ze verdedigen hun prooi, maaltijd furieus tegen alles onder bescherming van hun geur en dikke vacht. Zelfs een troep wolven is niet opgewassen tegen vier veelvraten en moeten hun prooi opgeven en de aftocht blazen. He! Dan klinkt het zo gek nog niet om als veelvraat door het leven te mogen gaan. Al vindt ik de Engelse benaming Wolverine toch wat strepen voor hebben. I am a Wolverine!!
Ik wens alle Wolverines een lekker 2011 toe.
Sipko G. Riemersma
Lekker Licht
13 december 2010
In deze donkere koude dagen wil ik het eens over het Licht hebben. Wij zijn gezegend dat we in een werelddeel leven waar veel overvloed is. Hoe minder rijk we ook zijn, er is altijd wel geld om boodschappen te doen. Onze super winkels zijn altijd vol met producten en er is een enorme variëteit aan keuzes. Een simpel brood kopen alleen al zet je voor honderd verschillende mogelijkheden. In deze tijd komen daar nog eens de luxe en exclusieve varianten bij, met eigenlijk maar extra ingrediënten of iets andere bereidingswijze of verpakking. Dit in tegenstelling tot de beperkte keuze in een deel van de wereld waar je blij mag zijn als er een brood op de plank ligt in een winkel. Als ik met mijn karretje door een winkel loop en producten inlaad zijn er altijd wel een paar ogen op mij gericht en inhoud van mijn karretje. Soms geroezemoes die verstomd als je langs loopt. Allemaal te scharen onder de categorie afkeuring, “daar komt het van”, “mag je niet eten” tot “je moet “light” versie nemen van vooral chips, nootjes, paté, en kaas soorten. Een enkel keer wordt het zelfs tegen me gezegd! Tja weten zij veel? Nee, want de boodschappen zijn niet alleen voor mijzelf of ik heb iets te vieren of ik wil mijzelf wel eens belonen in het weekend. Ik leef gewoon. Soms kijk ik terug naar hun karretje vol met nootjes, chips, toetjes, kazen, worsten en tegenwoordig deluxe gourmetschalen. Zouden zij wel weten van degenen in andere werelddelen die graag een brood extra goed kunnen gebruiken? Dat Licht wil ik wel eens tegen hun zeggen.
Sipko G. Riemersma
Werk
2 december 2010
Tja, één van mijn uitdagingen blijft het vinden van werk. Zoektocht is toch al jaren niet succesvol. Hoe langer je zonder werk zit hoe meer de personeelsfunctionaris je niet meer uitnodigt voor een gesprek omdat men denkt dat je geen arbeidsritme hebt, bent uitgeblust enzovoorts. En als je toch op sollicitatie gesprek mag komen verlies je het meteen op uiterlijk. Erg lastig wordt het vooral als je op een stoel mag plaats nemen voor het gesprek met kans op doorzakken of klem komt te zitten of minimaal zeer ongemakkelijk op de punt moet balanceren. Helemaal ellendig wordt het als men een “andere” stoel voor je willen regelen en aandringen. Je bent al op achterstand voordat het gesprek is begonnen. Zeker omdat je concurrentie er natuurlijk “gezond” uitziet. Ik blijf echter zoeken. Van de week zag ik mijn ideale job toen ik vanuit de passagiers stoel uit de auto een mooi bord met een vacature in de berm zag staan. Meerijder m/v gevraagd. Daar ben ik nou goed in, benieuwd wat het betaald.
Sipko G Riemersma
Hulpmiddel
23 november 2010
Als je wat gezet bent dan gaan de alledaagse dingen niet meer zo vlot of goed. Veel vergt meer inspanning of gaat helemaal niet meer. En dan staat een beetje trots je ook wel eens in de weg van een oplossing. Zo ergens in de vorige eeuw gingen we als sport team wel eens na een wedstrijd op bezoek bij één van ons thuis. Zo ook een keer bij iemand die ook maar net iets van overgewicht had. Leuke rondleiding en als laatste de badkamer, alwaar we een all weather tuinstoel direct onder de douche aantroffen! Natuurlijk veel lachen en opmerkingen in de richting waarom koop je geen bad. Nu heb ik zelf al enige tijd een douchestoel staan die mijn enorme gewicht kan dragen. Het lijkt op een afgezaagde rollator, loophek met een zeer brede gatenkaas zitting, zonder rugleuning. De eerste douche op deze stoel ging gepaard met een huilbui van genot. Een ideaal hulpmiddel dat ik veel eerder had moeten realiseren. Ik gebruik hem ook al zittend voor de wasbak bij gewoon wassen en tanden poetsen. Ik kan nu morgens nat het ontwaken alles in één ruk achterelkaar doen, in plaats van in etappes. Zo ook een keer midden in de nacht toen ik wakker werd en als een haas naar toilet moest. Een race tegen de kak, zeg maar. Half slaapdronken waggelde ik daarna naar mijn wastafel, ging zitten op mijn mooie douchestoel en…….netjes mijn handen wassen. Echter ben ik na het afdrogen in slaap gedommeld. Met een schrik werd ik wakker doordat ik achterover viel. Wanhopig falend maalden mijn armen door de lucht zoekende naar steun. Met mijn achterhoofd raakte ik de rand van de verwarmingsradiator en viel met een dreun op de koude vloer. Na een paar duffe seconden was ik weer bij zinnen en constateerde gelukkig geen wonden of bloed. Daar lag ik dan gestrand als menig walvis, gevangen als een schildpad op zijn rug. Hoe kom ik weer overeind? Gelukkig had ik een douchestoel in de badkamer staan. Een stevige steun waarop ik me weer kon optrekken. Ideaal hulpmiddel.
Sipko G. Riemersma